‘Hoe de Z veranderde in een A’
Over gemis en afscheid van een reëel verlangen

Marja heeft haar moeder op 8 jarige leeftijd verloren, en met haar zusje en vader ging het leven verder. Deze nieuwsbrief gaat echter niet over het gemis van haar moeder, maar over het gemis van dit zusje. Ik geef haar de fictieve naam Anna, net zoals Marja natuurlijk geen Marja heet, en haar toestemming gaf om het thema van deze nieuwsbrief op deze manier vorm te geven.

Marja is al een tijdje in mijn praktijk, een jonge vrouw van begin twintig. Niet makkelijk als je aan het studeren bent en het verdriet over ‘toen’ komt in alle hevigheid op je af nu je zelfstandig woont. Wat zou haar moeder trots op haar geweest zijn, zelf een gestudeerde vrouw met destijds een belangrijke functie op haar werk. Daar hebben we samen naar gekeken en wat de impact daarvan is op Marja haar leven nu.

Het ging heel goed en we zaten richting afronding. Maar toen:

Marja had wel eens verteld over haar zus Anna. Dat zij begeleid woont, niet helemaal zelfstandig kan functioneren door een psychische beperking. Maar heel vanzelfsprekend sprak zij daarover, ‘zo is Anna.’
Totdat onlangs Anna een psychotische aanval kreeg, het was ernstig en Marja kreeg in die psychose ook moeilijke dingen van haar zus te horen. Ze trok het niet meer, en daarover ging ons gesprek.

Ik vroeg haar om voor mij eens die relaties in hun gezin uit te tekenen. Op zulke momenten krijgen mijn cliënten dan een whitebord van mij op schoot, en een paar viltstiften. De één zet kruisjes en cirkels, de ander maakt poppetjes en van weer anderen verschijnen hele tekeningen (het dak van een huis, de voordeur). Dat maakt allemaal niks uit. Het gaat erom dat we zien wat er is.

Marja ging tekenen. Zijzelf beetje aan de zijkant, vader en zusje kregen ook een plek. Met letters deed Marja het. De I (ik) voor haarzelf, de V voor vader, M voor moeder, en de A voor zusje. Ik keek.

En we keken samen.

Ik vroeg haar ‘en hoe zou je het eigenlijk willen?’

Marja herschikte. Haar eigen letter kwam op een prominentere plaats, de V kwam ergens anders evenals de M. Maar de plek van Anna was lastiger. Daarover dacht ze langer na.

En toen gebeurde wat ik volgens mij heel lang ga onthouden:
De letter Z was ze aan het opschrijven, maar terwijl ze schreef, veegde ze die snel uit, en werd het een A. Ik zag het, en registreerde het als iets belangrijks wat ik ook niet precies wist te plaatsen. Dus vroeg ik het maar:
‘hee, wat doe je?’
Argeloze blik, ‘ik zet mijn zusje neer.’
‘Of zet je Anna  neer?’
‘Dat is toch hetzelfde? ‘
‘Is dat zo?’
stilte.
Het frappeerde me zo dat je die Z snel veranderde in een A,’ zeg ik.
‘Ja. Dat is zo.’
‘Is er een andere plek voor die Z van zusje wellicht?’

Ja, dat was het. Het verlangen van een gewoon zusje met wie ze kon delen, over hun moeder, over hoe het is om zo je studentenleven te leven. Dat verlangen is groot. En daarom sprak Marja ook altijd heel vanzelfsprekend over haar zusje, alsof het iemand was met wie ze net zo goed alles kon delen hoor: ‘Anna is anders, maar daarom niet minder’, sprak zij fel.
En zo is dat ook.
EN, het is niet het zusje waar zij zo naar verlangt.

Het is een zusje die dingen van Marja verwacht, soms zoals je dat van een moeder kan verwachten. Die rol nam Marja ook op haar. En ze kan het niet waar maken. Opgegroeid in een liefdevol gezin, waar Anna gewoon haar plaats had maar waar ook regelmatig tegen Marja werd gezegd ‘lief zijn voor Anna’. Of vertel nou niet te uitgebreid over je goede punten want dat is zielig voor Anna. En kleine Marja snapte dat heel goed, en bond in.

Op het whitebord werd een letter toegevoegd; de Z van zusje. En die had een andere plek dan de A. Het verlangen en gemis kreeg ook z’n plek. En dat deed ze dapper, die Marja.

Het whitebord zette ze een eindje in mijn kamer, en we keken er samen naar.

Ja, zo zit het.
Ze is niet Anna. Ze is niet mijn zusje. Ze is Anna, mijn zusje. Rust………

Een A en een Z, bijzonder hè?